Maandag 10 december: Europa draait om de hete brij heen

De tweede week van de klimaattop is van start gegaan. De ministers druppelen binnen, en dat is urgent. De technische onderhandelingen beginnen stroever te lopen, er is smeerolie nodig. Het is tijd voor politieke toezeggingen en er moeten politieke knopen doorgehakt worden. 

Dat geldt voor alle twee de grote discussies die hier in Polen lopen: 

  1. de uitwerking van de gedetailleerde regels die het Parijsakkoord operationeel moeten maken,
  2. en het ophogen van de nationale klimaatplannen. 

Met name in die tweede discussie probeert de EU haar verantwoordelijkheid echter volledig te ontlopen.

Ophogen klimaatplannen

Deze discussie vindt plaats onder het zogeheten Talanoa Dialoog. Deze dialoog draait om de nationale klimaatplannen (NDC's) die de basis van het Parijsakkoord vormen. De plannen worden onder het licht gehouden en vergeleken met wat eigenlijk nodig is voor het behalen van de doelstellingen in het Parijsakkoord. Dinsdag begint de politieke fase van het Talanoa Dialoog. De dag erna wordt het, volgens de planning, alweer afgerond. Ministers zullen dinsdag (met één adviseur aan hun zijde) verantwoording afleggen over hun klimaatplannen. Dit is het moment voor landen om een ophoging van hun NDC aan te kondigen. Of op z'n allerminst de discussie daarover in volle hevigheid te laten losbarsten.

De EU heeft een gezamenlijk klimaatplan: min 40 procent CO2-uitstoot in 2030. Dat is veel te weinig. De wetenschap vertelt ons dat om in lijn te blijven met de doelstellingen van het Parijsakkoord, de EU op minstens 55 procent in 2030 moet zitten. Tot op heden vermijdt de EU echter elke vraag in die richting: "deze klimaattop gaat over het uitwerken van regels", "tijdens de Talanoa Dialoog moeten we het hebben over 2050". 

Met die opstelling garandeert de EU dat we deze week niet of nauwelijks concrete ophogingen zullen zien. Als een economische reus als de EU al geen stappen zet, welk ander land zal dan het goede voorbeeld geven? China? China kan eenvoudig een ophoging toezeggen gezien het gemak waarmee ze hun doelstelling lijken te gaan halen, maar wil eerst een duidelijk teken zien dat de EU interne verdeeldheid kan overkomen.

Vanaf vandaag zal er een hevige discussie onder de Europese ministers plaats moeten gaan vinden. Die bepalen immers het uiteindelijke standpunt van de EU op de klimaattop. Met name Duitsland moet gedwongen worden kleur te bekennen. Dit is het ook het moment waarop De Nederlandse regering moet leveren: de Europese min 55 procent uit het regeerakkoord zal niet uit de lucht komen vallen. 

Uitwerken regels

Hoe tellen we uitstoot? Hoe rapporteren we ze? Hoe moet het vijfjarige herzieningsmechanisme concreet gaan werken? Vragen die beantwoord moeten worden in het zogeheten 'rulebook' waarvan de deadline voor afronding eind deze week verstrijkt. Belangrijk voor de integriteit van het Parijsakkoord. En in sommige gevallen ook erg gevoelig: dit is immers 'top-down'. Internationale regels die voor alle landen moeten gaan gelden. Landen als China, Rusland en Brazilië gruwelen van het idee. Gevolg: er zijn nog een heleboel kwesties open, zoveel dat men zich al af begint te vragen of het wel afkomt. Er zijn eigenlijk maar twee mogelijkheden waarop het in deze korte resterende tijd tot een einde gebracht kan worden: kiezen voor de gemakkelijke weg van de laagste gemeenschappelijke deler, of de onderhandelingen in een stroomversnelling brengen door samen met de ontwikkelingslanden een vuist te maken.

Dat tweede kan enkel door politieke inmenging. De kwestie dat de gezamenlijke vuist tot op heden voorkomt, is... geld (de geharde COP-volger zal niet verbaasd zijn). Ontwikkelingslanden willen op dezelfde manier duidelijkheid over geld, als dat de rijkere landen duidelijkheid willen hebben over emissiesreducties. Het klimaatakkoord van Parijs rust immers grotendeels op de toezegging van honderd miljard euro per jaar aan klimaatfinanciering na 2020. 

De armere landen hebben harde eisen over hoe dat gemeten (eis: additionaliteit) en gerapporteerd (eis: vooraf) moet worden. Daarnaast willen ze dat het onderdeel van de vijfjarige herzieningscyclus wordt. Dit zijn geen nieuwe verzoeken. Er is echter een kwestie aan toegevoegd: 2025. Het Parijsakkoord stelt dat vanaf 2025 de jaarlijkse 100 miljard moet worden opgehoogd. De armere landen willen de discussie daarover nu al beginnen.

De EU gaat bij lange na niet in alle eisen mee, maar is flexibeler dan de meeste andere rijkere landen. Er zal echter meer bewogen moeten worden, ook door de EU, om een ambitieus rulebook te krijgen qua het garanderen van emissiereducties. Er is bijvoorbeeld één Europese maatregel die de kwestie veel gemakkelijker zal maken: Europese bronnen van klimaatfinanciering (zoals het Europese emissiehandelssysteem) aanwijzen. Nu klimaat (in ieder geval in woorden) enorm hoog op de agenda van onze regering staat, zou de regering ook een iets flexibelere houding op dit Nederlandse taboe sieren.

Update

Wij houden je graag op de hoogte van het belangrijkste klimaatnieuws.

AANMELDEN

Klimaatmores

Bas Eickhout schreef Klimaatmores, daarin geeft hij een blik achter de schermen op de klimaattoppen.

Klimaatmores
Bestel via Libris.nl